‘Heb ik nu een ondefinieerbaar gezwel in mijn bovenbeen?’, ging er door mijn hoofd. Ik had net opgehangen met mijn chirurg. Hij belde voor de uitslag van de MRI-scan, maar het antwoord was nu niet bepaald datgene wat ik verwacht had. Enigszins verbaasd belde ik mijn partner om hem in te lichten. Tijdens dat gesprek veranderde de verbazing in een soort van ‘het is zoals het is’. Ik heb niet vaak iets. Maar als ik iets heb dan is het vaak iets met een langdurig herstel.

De reactie van anderen

Met die wetenschap kan ik prima uit de voeten. Het is de reactie van anderen, zelfs nu 15 weken verder, waarvan ik het meeste schrik. Mensen dicht om mij heen maakten zich zorgen of het kanker was. En zaten in spanning tot het bericht kwam dat het goedaardig was. Anderen verwachtten dat wij ontzettend in spanning hebben gezeten, omdat wij niet wisten wat het was. De eerlijkheid is dat wij daar zelf helemaal niet mee bezig waren.

De ontdekking van een bultje

Het was een normale zondagochtend. Ik had net heerlijk door het Paleispark van Het Loo hardgelopen met mijn hardloopmaatje. Normaal gesproken ga ik eerst ontbijten bij thuiskomst. Toevallig deze zondag niet, omdat ik het koud had. Onder de douche met insoppen voelde ik dat mijn beenspieren nog gespannen waren van de training. En dat was ook het moment dat ik een bultje voelde. Aan de achterkant van mijn linker bovenbeen. Ach, gewoon wat verzuring in de spier.

De bult kreeg ik niet weg

Ik moest wel even denken aan de voorlichting van het controleren van je borsten. ‘Zo voelt het dus als je ineens een knobbel/bultje voelt’, ging er door mij heen. Eenmaal uit de douche vroeg ik mijn partner om die spierknoop (ik dacht dat die bult dat was) eruit te masseren. Ontzettend pijnlijk en dan ben ik niet zo’n held als een bekende dat moet doen. De knoop ging er niet uit. En ook niet als ik het zelf onder handen nam met een massagerol.

Van de fysio naar de huisarts

Gelukkig had ik twee weken later een afspraak bij de fysio staan. Eenmaal daar op de massagetafel vroeg ik mijn fysio om die knoop er meteen uit te halen. Hij keek, hij voelde en zei: ‘Dit is geen knoop. Het lijkt eerder een vetbult, dus ga even langs je huisarts voor controle.’ Een vetbult…die ken ik wel. Die ontstaan spontaan en daar is niks ergs aan. Dezelfde week zat ik bij de huisarts. Zij keek, zij voelde en verwees mij door voor een echo.

Mijn eerste (en hopelijk laatste) echo

Ik zat hier niet op te wachten. In coronatijd naar het ziekenhuis voor een echo. Aan de andere kant ook wel weer eens iets anders. Aangezien ik geen kinderen heb, kan ik wel mijn vriendinnen vertellen dat ik ook een echo heb gehad. De echoscopist ging even een arts erbij halen. Ja, hij zag ook een gezwel van 4 cm. Te diep voor een vetbult, maar je weet het nooit. Zijn advies naar de huisarts was om een MRI te maken. Dus ik moest niet schrikken als ik een oproep kreeg.

En toen zat ik op de afdeling Poliklinische Chirurgie

Toen ik uit die echo kwam schrok ik pas. Wat zit er in mijn been? En waarom een MRI? Maar oké, het is een andere vorm van uit mijn comfortzone komen. En zo ervaarde ik het ook echt. Wat ik dus niet wist, was dat je op de afdeling Poliklinische Chirurgie terechtkomt voordat er een MRI wordt gemaakt. Eerst even praten met een chirurg. Hij luistert, stelt vragen, hij kijkt, hij voelt. En ik kreeg een oproep voor het maken van een MRI-scan.

De uitslag van de MRI gaf geen uitsluitsel

Op de dag van de MRI vond ik het toch minder relaxed. Gespannen zat ik dan ook in de wachtkamer. Gelukkig waren de verpleegkundigen super aardig. Waardoor ik een ervaring rijker werd door het maken van de MRI. En toen kwam het telefoontje met de uitslag. ‘Er zit een gezwel van ongeveer 9 cm heel diep in uw bovenbeen. We willen u graag nog een keer zien en een biopt maken. Maakt u zich geen zorgen.’ Er zit dus een ondefinieerbaar gezwel van 9 cm diep in mijn bovenbeen.

 

- Deel dit bericht -
Share on Facebook
Facebook
Share on LinkedIn
Linkedin
Email to someone
email